loader Slide Left Slide Right Toggle button
Willem Jeths,
Composer Laureate of The Netherlands
watch the Protestlied from the documentary:
Bloed, zweet en snaren. De mensen van het Koninklijk Concertgebouworkest

watch the documentary:
Het Palet van Jeths
twitter
facebook
Tags
2014 2013 2012

News

13 January 2012
Hôtel de Pékin


Met de dood van Cixi (1835-1908), de laatste keizerin van China, kwam na ruim 2000 jaar en een lange reeks dynastieën een eind aan het hemelse mandaat van de drakentroon. Grondlegger en naamgever van dit rijk was de eerste keizer Qin Shi Huangdi, legendarisch door ondermeer de bouw van de Chinese muur en het terracotta leger uit zijn keizerlijk graf.

Hôtel de Pékin, de opera die librettist Friso Haverkamp en componist Willem Jeths in opdracht van de Nationale Reisopera schreven, is in essentie een samen hangende reeks van achttien dromen ­ vandaar de ondertitel Dreams for a dragon Queen ­ waarin Cixi in het uur van haar dood terugblikt op haar leven en regent schap. Deze scènes geven een deels fictief, deels historisch beeld van Cixi, zonder twijfel één van de meest complexe en omstreden karakters uit China’s meer recente geschiedenis, een tragische koningin in een verscheurde tijd.

Doordrongen van het besef dat er voor China geen weg terug is en alleen een radicale maatschappelijke verandering nog perspectief kan bieden, maakt de gevreesde en verguisde Cixi de weg vrij voor een nieuw China, door zich met het eens zo grote verleden, in de persoon van de aanbeden Qin keizer, in de dood te verenigen. Een ‘liefdesdood’ waarin begin en einde van een vergane tijd als na eeuwen samenvallen en zich de contouren aftekenen van een toekomst. Het is met name deze schijnbare paradox, de dood als voorwaarde voor een (her-)levend China, dat Hôtel de Pékin maakt tot een opera waarin eigentijdse ontwikkelingen en een levend verleden elkaar raken.

Het zeer eigen muzikale idioom van Willem Jeths en de rijke Chinese klankwereld gaan moeiteloos een synthese aan. Vrij en organisch gebruik van Chinese klanken en instrumenten en Westerse symfonische middelen resulteren in een hoogstpersoonlijke interpretatie van een Chinese (muzikale) essentie.

Ook al kan een opera onmogelijk recht doen aan een legende als Cixi, wier tijd en regentschap sinds haar dood door nieuwe machthebbers en massieve propaganda werd geplunderd, ingrijpend herschreven of zelfs uitgewist, Hôtel de Pékin waagt niettemin een voorzichtige poging enig tegenwicht te bieden. Hôtel de Pékin is in de eerste plaats een ­ soms kritisch ­ tribuut aan China, maar zeker niet minder een poging een Europese en een Chinese operatraditie te verenigen in één voorstelling.